Ter inleiding

Geachte dame/heer, 

Op de nu volgende pagina's kunt u de ooggetuigenverslagen van zowel mensen als militairen lezen die Operatie Vertibale van zeer nabij met eigen ogen hebben meegemaakt. Ter verduidelijking nadat operatie Market Garden was mislukt was het dorp Groesbeek en de omgeving maandenlang frontgebied. Groesbeek werd uiteindelijk op 8 februari 1945 bevrijd, want op die dag begon de uiteindelijke grote geallieerde aanval richting Wezel en Xanten. In de nu volgende pagina's wordt door diverse ooggetuigen verslag gedaan van de krijgshandelingen rond 8 februari en daarna, die de desbetreffende personen met eigen ogen hebben mee gemaakt. Ik wil in het bijzonder dhr L. Zilessen hartelijk danken voor zijn bereidwillige medewerking, want zonder zijn perfecte vertalingen had dit unieke document nooit kunnen worden gepubliceerd op de digitale snelweg. Rest mij u nog alleen te zeggen dat ik u zeer interessant leesplezier toewens. Mocht u nog vragen hebben naar aanleiding van deze website dan kunt u mij naar het volgende mailadres mailen: webmaster@geschiedenisgroesbeek.nl 

P.s. Tevens wil ik u nog zeggen dat er ook een ooggetuigenverslag is te lezen over de Veteraan Robert M Murphy. Deze veteraan verteld in een kort en bondig verhaal zijn belevenissen.   

De Webmaster van Groesbeek het dorp der verrassingen Michel Janssen http://www.geschiedenisgroesbeek.nl

 

Bovenstaand monument kunt u terug vinden bij de Wylerbaan te Groesbeek. Dit monument is opgedragen aan het 508 van de 82 Airborne Divisie en aan de gehele operatie Vertitable.

Bovenstaande foto is afkomstig van Marcel Jans

 

 Terug naar de bevrijding van Groesbeek

Operatie Veritable 8 februari 1945 

De Slag om het Reichswald:

De Calgary Highlanders tijdens hun

overwinningscampagne Juli 1944 – Mei 1945.

(Het navolgende verhaal stond Juli 1945 in "The Glen" de regimentskrant,

die het eerst verscheen in September 1939. Vertaald door L. Zilessen.).

........in de nacht van 10 op 11 November 1944 vertrokken we naar Malden, nabij Nijmegen, waar we voorlopig zouden blijven. Gedurende de eerste drie maanden moesten we assistentie verlenen aan het Canadese leger om de opdracht uit te voeren, die als volgt werd omschreven:

"Het in het bezit houden van het gebied wat "The Nijmegen Salient" heette".

De Tweede Divisie had het gebied rond Groesbeek bezet, en hield het Reichswald scherp in de gaten. Het hoofdplan was, om twee brigades te sturen, die de linie moesten houden. Een brigade werd als reserve gehouden. Na een dag of tien "kalmerend" getraind te hebben ook in het beschermen van bruggen, namen we de plaats in van reserve-bataljon. Er werd veel gepatrouilleerd en op souvenirs gejaagd in het gebied waar de 82 ste Airborne Divisie was geland (=Klein Amerika).

Op 1 December 1944 namen we de taak over van de "Black Watch". Onze opdrachten waren verschillend, van het lastig vallen van de Duitsers ( "annoying of Jerry") tot het doden van runderen en varkens die door granaatvuur waren getroffen. We noemden het "mercy killing". Het resultaat, vers vlees, was een welkome aanvulling op ons dieet.

Op 8 December 1944 werden we afgelost door het South Saskatchewan Regiment, en tot de 15de December waren weer aan het "uitrusten". Vanaf de 15e werden we weer naar het front gestuurd en moesten de Royal Hamilton Light Infantry aflossen in bebost gebied, om zo het Reichswald in de gaten te houden. Het was een koude, sombere en natte dag met sneeuw op de grond, en de positie die we definitief moesten nemen, herinnerde iedereen aan de verhalen die men gehoord had over het leven in de loopgraven van de laatste wereldoorlog. (=1914-1918). De situatie was niet al te best, maar we bleven bezig met het treiteren van de Duitsers ("bothering Jerry") en tegelijkertijd werd geprobeerd ze rustig te houden. Ook werd begonnen met het maken van eenmansputjes, kleinere loopgraven en ondergrondse schuilplaatsen. Het leven werd er een beetje meer dragelijker door. We waren een echt westers bataljon en begrepen nu pas echt de uitdrukking van een "gopher’s life" (= dieren die al wroetend in de grond leven).

Hier was patrouilleren een normale zaak en hoorde vanaf dan, bij ons werk. Kruipend door de bossen, waar een verkeerde stap waardoor een tak afbreekt of bladeren beginnen te vallen, je aanwezigheid verraad, maar ook was er het gevaar van mijnen, was dagelijks werk. We vonden het allemaal een periode die veel van ons vergde.

Op Kerstavond gebeurde er iets grappigs. Opeens kwam vanuit de "Jerry lines" (=Duits gebied) het geluid van trompetmuziek, eigenlijk behoorlijk slecht van kwaliteit. Het was het lied "Silent Night". Hierop speelden twee van onze doedelzakspelers ook een melodie.

Kerstmis werd dus gehouden aan de linie, maar ons speciaal kerst-eten zouden we later krijgen. We verwachten dat we voor Nieuwjaar zouden worden afgelost.

De Duitsers waren weer mobiel in de Ardennen en er werd gesproken over een luchtlanding nabij het Reichswald door de Duitsers. Door de noodzakelijke maatregelen die er getroffen werden, bleven we langer aan de linie en kregen alsnog ons Kerstdiner in de linie.

We moesten blijven tot de 10e Januari 1945, en werden toen afgelost door South Saskatchewan Regiment. We bleven 27 dagen aan een stuk in onze frontlinie in positie, en het was de langste periode van al de units van de Second Division (=de Tweede Divisie).

We kregen zeven dagen om bij te komen, je eigen op te knappen, uit te rusten en wat aan entertainment te doen. Op de 17e Januari moesten we naar Grave, voor een eenweekse training met de tanks van de Fort Garry Horse.

Van de Derde Divisie namen we een geheel nieuw gebied over: Berg en Dal. Dit was op 25 Januari 1945 en er moest veel gepatrouilleerd worden. Begin Ferbruari zaten we echter weer in Groesbeek.

Op 8 Februari 1945 begon de opmars naar de Rijn om 10.42 uur, na een zwaar artilleriegevecht van vijf uur. Wij, onze copmpagnie samen met "The Regiment de Maisonneuve", moesten Wyler innemen dit lukte ons om 20.00 uur. We namen tweehonderd gevangenen mee, waaronder voor ons als eerste, een vrouw.

Op 10 Februari 1945 werden we teruggetrokken vanuit Wyler, en maakten een korte pauze in Nijmegen. Hierna vertrokken we richting Kleef en op de 18de Februari losten we de 9th Camerionians af. Tot de 24ste Februari sleten we onze tijd met het opjagen en treiteren van "Jerry". Dit betekende ook, dat we met vlammenwerpers gingen werken, en pakten zo een kleine veertig Duitsers. Verschillende sneuvelden, de rest werd gevangen genomen.

Na drie dagen gingen we naar een gebied waar de brigades centraal gelegerd waren ter voorbereiding op een aanval op Xanten. We begonnen met de aanval op de 27ste Februari 1945 en gingen richting Hochwald . Er werd fel verzet verwacht, maar het viel wel mee. Wel was er de morgen erop enig verzet, wat we braken. We bleven in dit gebied tot 9 Maart, waarna we meehielpen met de zuivering van het gebied ten zuiden van Xanten.

Nu waren de Amerikanen, niet ver meer uit de buurt, en de "Battle of the Rhine" was afgelopen. We werden weer afgelost door de South Saskatchewan Regiment en keerden per TCV (=Troop Carrying Vehicles) terug naar Berg en Dal, daar konden we ons weer opknappen en uitrusten. Na een paar dagen waren we weer de ouden, en er werd vanalles georganiseerd. Ook Generaal Majoor A.B. Matthews was aanwezig.

Op de 28ste Maart 1945 kreeg ons regiment te horen dat we weer moesten verhuizen, en op de 29ste Maart om 13.02 uur vertrokken we om de Rijn over te steken bij Rees, over een Blackfriars brug. (=een pontonbrug).............

 

 

Dit is een detail van de belevenissen van een geallieerde militair tijdens de Slag om het Reichswald, hier in onze Hortster regio. De kleinere cursieve tekst is uitleg van de bewuste uitdrukking.

De uitdrukking "Jerry" kan vergeleken worden met ons woord "Mof".