| 43C CAHIER-2 Vervolg |
blz 112 |
Aan den Oostkant v.d. spoorweg motorbooten, jachten, cano's, aan den
Westkant niet: de verboden "Kuststrook" loopt tot de spoorweg.
Hier en daar, vooral in 't Noorden, een verbrande boerderij van Nsbeër.
In Leeuwarden was een Nsbeër op distributiekantoor werkzaam; hij had 2
mannen aangegeven die buiten de stad vrij afgelegen woonden een Joden
verborgen hadden. Als wraak werd de Nsbeër beschoten, de kogel ging
dwars door de mond, hij genas hiervan, doch stierf in het ziekenhuis aan
een maagbloeding.
In Leeuwarden bij huiszoeking onderduiker verstopt onder de gang; 't
luik werd gesloten, linoleum en looper er weer over gelegd. Een uur lang
liepen de speurhonden boven zijn hoofd op en neer, doch vonden niets.
Tragisch geval van Nsbeër, een goede man, idealist. Leeraar, nu benoemd
als burgemeester. Zijn grootmoeder vroeg hem: "maar jongen, hoe heb
je daar nu bij kunnen blijven?" "Grootmoeder, ik kan er niet
meer van af, ze laten me niet los." Zijn afscheidsreis dezen zomer
langs alle plekken die heem lief waren; zijn geboortedorp, 't graf van
zijn vader. Van 't station van Leeuwarden ligt een der gebouwen in puin
door bombardement. Bij het binnenkomen wordt het oog 't eerst getroffen
door de reusachtige Frico-fabrieken.
Leeuwarden een mooie stad met groote pleinen en statige
regeeringsgebouwen. 't Oude Prinsenhof, hofjes, mooie, deftige oude
huizen, de breede gracht de Nieuwstad waar de goede winkels zijn en de
groote zaken. Nu 's avonds bedorven door de pantoffelparade van de
Duitse soldaten. Een trotsche, zelfgenoegzame stad, echter wat tè
rustig. De massieve Oldenhove, die afgeknot en eenzaam aan 't einde van
het groote plein staat, misschien te droomen van den tijd toen hij als
vuurtoren dienst deed en uitkeek over de binnenzee. Hij helt op een
griezelige wijze over de kleine huisjes aan de voet. Ik mat 80 c.m.
verschil tusschen langste en kortste kant aan de voet.
't Vriendelijke, behulpzame Friesche volk. En trotsch, een stuk gevoel
van eigenwaarde. "Hij begreep ons niet, hij was geen Fries."
Ik voelde zelf de bloedverwantschap met hen, het dadelijk begrijpen, het
gevoel van er thuis te zijn. Sliep in hotel Oranje, prettige sfeer,
Friesche tijdschriften, er werd Fr. gesproken. Groote foto v.h. Loo, op
mijn kamer afbeelding naar schilderij v.d. Koningin.
In de trein n. Leeuwarden twee vluchtelingen uit Hamburg, man en vrouw,
de vrouw zag er nog geheel verwilderd uit.
{vel 52}
"'t Was een booze droom, alles verwoest om ons heen, 300.000
dood, je ziet het steeds voor je."
8 september. 's Morgens eerst stad, tien uur naar Steenwijk, waar per
geluk de bus n. Giethoorn te
laat was, kon dus mee. At mijn brood bij Vrouw Broer en haar dochter,
bracht de boot in orde en teekende mijn naam met krijt er op, want alle
booten moeten nu prijken met de naam v. eigenaar en plaats. De
dorpsschilders werkten boot na boot af; een enkel had zelf de letters er
op gezet, slordig en ongelijk.
Vóór 't avondeten bij Mol en daarna naar meester M. om boeken op te
halen. Ontvangst met de goede tijding dat Italië zich overgegeven heeft
en de D. zal helpen verjagen. Hij bracht mij thuis en ieder zeide tegen
ons, en wij tegen hen: "Hest heurt?" En ieder keek verheugd.
's Middags op Molengat liggende hoorde ik zwaar scheepsgeschut in 't
Noorden. Achteraf bleek dit te zijn geweest afkomstig van de landing die
de Geallieerden op Terschelling hebben gedaan. T. was het meest
versterkte eiland; de versterkingen werden verwoest en vervolgens
trokken de aanvallers weer weg. 1)
Omtrent 10 dagen geleden kwam 's nachts een D. patrouille in de
Vliegerstraat om huiszoeking naar onderduikers te houden. Bij het eerste
huis liet men hen opzettelijk niet dadelijk in, zoodat ze lang op luiken
en deuren bonsden en met dit lawaai en schreeuwen de geheele buurt
alarmeerden. Nergens werd dan ook iets gevonden. Een jongeman had zich
in een kleerenkast
Volgens
mij oorlogsgeruchten P.S.
|